Experiment: bestaand keramiekglazuur aanpassen

Gepubliceerd op 1 oktober 2026 om 10:00

In deze blogpost beschrijf ik mijn doel, aanpak en resultaten van een glazuurexperiment. 

Het experiment bestaat uit het toevoegen van enkele grondstoffen aan een bestaand glazuurrecept voor 1140ºC om het effect op een bestaand glazuur te zien, en het wijzigen van hoeveelheden kleurende oxides om met kleuren te spelen.

Een kleine waarschuwing vooraf: Helaas hebben zowel de telefoon als de camera moeite gehad om de werkelijke kleuren weer te geven. Ik heb geprobeerd de foto's zo te bewerken dat ze zo dicht mogelijk de werkelijke kleur benaderen, maar dat is niet altijd 100% gelukt. Dit is de reden dat dezelfde kleur er soms toch net iets anders uitziet op de foto's (met dezelfde kleur klei).

Kleurverschillen tussen de glazuurkleur op witte klei versus rode klei, die zijn veroorzaakt door de klei!  

Startfoto bij blogpost Experiment: bestaand keramiekglazuur aanpassen, met daarop 2 foto's van glazuurproefjes en 1 foto van een kandelaar met een nieuwe glazuurvariantfj

Disclaimer:

Ik ben geen glazuurdeskundige/chemicus en heb beperkte kennis van grondstoffen van glazuren. Dit stukje is puur bedoeld als een beschrijving van mijn experiment, en niet als een handleiding van een glazuurdeskundige. Daarom ook geen volledig glazuurrecept in deze blog. Ben je op zoek naar een recept, dan is glazy.org een bron waarin je héél veel glazuurrecepten kunt vinden....

Wat ik wel wil aanstippen is dat het belangrijk is de voedselveiligheid van het glazuur in het oog te houden. Een bestaand glazuur zou door het veranderen van de samenstelling (bijv. het toevoegen van een grondstof) mogelijk niet meer veilig voor voedsel kunnen zijn. Daar kan je rekening mee houden bij het glazuren. Gebruik het veranderde glazuur niet voor de binnenkant van servies (het deel dat met eten in aanraking kan komen) als je niet zeker bent van de voedselveiligheid.

Waarom deze blogpost?

Veel keramiekboeken behandelen de basisbeginselen van de samenstelling van glazuren. Boeken specifiek over het glazuren van keramiek gaan veel dieper in op glazuren, maar zijn als leek mogelijk lastiger te begrijpen. En waarom je daarin verdiepen als je normaliter kant en klare glazuren of glazuurrecepten gebruikt? De drempel om zelf wat te experimenteren met glazuren kan daarom soms hoog zijn. 

Zelf vind ik het echter zeer verhelderend en leerzaam om in de praktijk te zien wat enkele grondstoffen aan verandering teweeg brengen in een glazuur. Ik wil daarom vanuit mijn eigen ervaringen laten zien dat je niet direct een glazuurdeskundige hoeft te zijn om toch te experimenteren met glazuren!

Hopelijk inspireert deze blogpost andere mensen om op een relatief eenvoudige manier eens te experimenteren met bestaande glazuren. Je kan al aan de slag als je een goed basisrecept of een goed kant en klaar basis glazuur hebt (handigste is in poedervorm) en toegang hebt tot enkele grondstoffen en oxides/pigmenten. Daarom heb ik ook een tabel toegevoegd van hoe ik vooraf recepten opschrijf, als ik meerdere varianten tegelijkertijd wil maken. Dat kan natuurlijk op vele manieren, maar mij helpt deze manier goed om het overzicht te bewaren.

Doel van mijn glazuurexperiment

Op mijn wekelijkse cursus wordt er naast een lagere aardewerk temperatuur ook op 1140ºC gestookt. Zelf vind ik hoger gestookte werkstukken toch vaak mooier, en daarnaast is het vaak sterker dan het lager gestookte aardewerk. 

Echter, voor deze stooktemperatuur zijn er op de cursus minder (voedsel veilige) glazuurrecepten beschikbaar dan voor de lagere aardewerk temperatuur. Ook in de winkel kan ik voor deze temperatuur minder glazuren voor vinden dan voor lagere of juist hogere (1200ºC of hoger) temperaturen. Thuis stook ik rond de 1200ºC . Maar om nu alle werkstukken thuis te glazuren en (hoger) te stoken, dat is ook niet mijn bedoeling van het volgen van de cursus.

Er is op de cursus één basisglazuur voor 1140ºC beschikbaar (in verschillende kleuren) dat ik wél heel mooi vind, zowel op witte als op rode klei, en dat veilig is voor voedsel. De groene basisvariant van dit glazuur heb ik eerder al met succes gebruikt voor mijn eerste zelfgemaakte theepot. En ja, die theepot kan best nog wat verfijnder, maar ik gebruik hem desondanks met veel plezier!

Ik was benieuwd of je met de basis van dat glazuur meer kan doen. Natuurlijk kan ik proberen om andere kleuren te verkrijgen door met andere verhoudingen van kleurende oxides te werken. Een voorproefje waarbij ik een deel van de kleurende oxides eruit had gelaten gaf al een leuke nieuwe kleur. 

Maar ik was ook benieuwd of ik het glazuur van uiterlijk kon laten veranderen. Het is een glanzend glazuur, en een wat matter glazuur lijkt me ook leuk om te kunnen gebruiken.

Aanpak – wat te testen

 

Aangezien ik groene en blauwe tinten vaak mooi vind, heb ik die twee kleurgroepen aangehouden bij het testen. Daar hadden we op de cursus ook al een basis voor. Ik heb de basisvarianten voor groen en blauw van de cursus meegenomen in de test, zodat ik de nieuwe varianten goed hiermee kon vergelijken om te zien wat er gebeurde als ik een andere grondstof toevoegde aan het basisrecept.

Het basis recept gebruikt standaard ijzeroxide, en daarnaast koper voor groen en kobalt voor blauw.

  1. Ik heb daarbij voor één test een nieuwe tint in de groen/blauw groep geprobeerd te maken door een combinatie van koper en kobalt toe te voegen maar de ijzeroxide eruit te laten. 
  2. Daarnaast heb ik gekeken wat het verschil was tussen het gebruik van tin oxide (basisrecept) of titaandioxide (experiment).
  3. Verder heb ik twee grondstoffen toegevoegd (per test 1 grondstof). Dit zodat ik kon zien wat iedere grondstof “doet”. Het ging om talk en zink.

De twee grondstoffen heb ik echt behandeld als aanvulling op het basisrecept. Dat betekent dat ik hier geen rekening mee heb gehouden bij het afwegen van de kleurende oxides (dus voor de kleurende oxides nog steeds x% van de hoeveelheid basisrecept, en niet van de hoeveelheid basisrecept + de extra grondstof).

Hoeveelheid en voorbereiding voor het afwegen van de grondstoffen

Als basis hoeveelheid heb ik 50 gram voor iedere variant aangehouden. Dat gaf me de optie om na het eerste testje de glazuur ook op een aantal kleinere werkstukken uit te proberen. Ik heb in het verleden ook wel met hoeveelheden van 10 gram getest (echt alleen het proefplaatje), maar dan worden de af te wegen hoeveelheden kleurende oxides zo klein dat je dat lastig kan afwegen.

Om het overzicht te houden had ik alle varianten in een schema gezet, en iedere variant een eigen lettercode meegegeven. Zie onderstaand een ingekort voorbeeld schema (niet geheel gelijk aan mijn eigen indeling, maar bedoeld als idee om de varianten gestructureerd naast elkaar te zetten ter voorbereiding op het afwegen van grondstoffen.

G = groene "lijn" en B = blauwe "lijn"

Basis hoeveelheid: 50 gr g.a g.b g.. g.. g.. b.a b.b b.. b..
Basisrecept
X1 .. % .. .. .. .. .. .. .. .. ..
X2 .. % .. .. .. .. .. .. .. .. ..
Totaal 100% 50 gr 50 gr 50 gr 50 gr 50 gr 50 gr 50 gr 50 gr 50 gr
Talk .. % – – .. – – – – .. –
Zink .. % – – – .. .. – – – ..
Tinoxide .. % .. – – – – .. – – –
Titaandioxide .. % – .. .. .. .. – .. .. ..
Ijzeroxide .. % .. .. .. .. – .. .. .. ..
Koperoxide .. % .. .. .. .. .. – – – –
Kobaltoxide .. % – – – – .. .. .. .. ..

Met behulp van dit schema was het wegen en mengen van de grondstoffen nog steeds een tijdsintensieve klus maar had ik wel een handig overzicht.

Vooraf had ik bakjes klaargezet met een stukje schilderstape erop met de letter combinatie. Voorzien van mondkapje en handschoenen woog ik één grondstof af voor alle glazuurvarianten waarin deze grondstof voorkwam. De bakjes voor de varianten waarin die grondstof niet voorkwam had ik voor die grondstof al opzij gezet, en als de grondstof aan een bakje was toegevoegd verplaatste ik dit ook naar de andere kant van de tafel, zodat ik niet per ongeluk nogmaals die grondstof aan hetzelfde bakje zou toevoegen.

Het glazuren van de proefjes

Omdat ik bij voorkeur met kwastglazuur werk heb ik de glazuren aangemaakt met pehatine (en daarna gezeefd).

In plaats van losse proefplaatjes te gebruiken heb ik dit keer wat oude werkstukken gebruikt die biscuit gebakken waren, maar die ik daarna had afgedankt. Het waren werkstukken van witte en rode klei. Dat bleek heel handig, want zo kon ik ook goed zien of de glazuur anders reageerde op witte dan op rode klei.

Het voordeel van het werkstuk van witte klei was dat dit zowel een horizontaal als een verticaal deel had waarop ik het glazuur kon testen. En het was groot genoeg om verticaal met een verschillend aantal glazuurlagen te testen. Door wat klei vrij te laten tussen de testjes kon ik daar met glazuurpotlood lijntjes trekken en voor dat stukje het aantal laagjes erop zetten. Onderaan het minste aantal laagjes, voor het geval het glazuur zou gaan lopen.

Glazuurvarianten aanbrengen op testwerkstuk van witte klei en van rode klei, ik ben halverwege met het aanbrengen van de verschillende glazuurvarianten

Resultaten proefjes

Kleuren: blauw en groentinten

Op de rode klei vind ik de groene varianten (veel) mooier dan de blauwe varianten.

Op de witte klei vind ik de groene varianten mooi, en de blauwe varianten (voorlopig) ook. Voorlopig omdat ik de blauwe varianten soms wat vlekkerig zijn (met bruinige vlekken). Mogelijk heb ik die toch niet dik/regelmatig genoeg aangebracht op de proefjes. 

De mooiste variant op zowel de witte als de rode klei? Een variant met een combinatie van kobalt en koper, waar ik het ijzer uit heb gelaten. Deze heeft een (naar mijn smaak) prachtige turquoise/groene kleur opgeleverd.

Opaakmaker – Titaandioxide versus tin oxide

Ik wilde zien of titaandioxide een ander effect zou geven dan tin oxide, omdat ik dacht dat dit misschien meer effect/levendigheid in het glazuur zou geven. Dat zie ik in mijn uitkomsten echter niet gebeuren.

Wel is de kleur wat veranderd. Zowel de groene als de blauwe variant laat met titaandioxide een zachtere kleur zien dan met tin oxide. Mogelijk speelt de hoeveelheid titaandioxide daar een rol bij.

Toevoegen grondstoffen

Talk

Het was heel leuk en leerzaam om te zien dat met talk toegevoegd aan het glazuurrecept, het glazuur in combinatie met de witte klei veranderde van een glanzend glazuur naar een meer mat glazuur. Deze variant moet wel flink dik worden opgebracht voor het mooiste resultaat.

Maar het is heel leuk om een glazuur te hebben dat er toch ineens echt anders uitziet, doordat ik 1 grondstof heb toegevoegd.

Het valt me wel op dat op de rode klei deze variant minder mat uitvalt, daarop is het toch meer een glansglazuur. Ligt dat aan de klei, of stond dat werkstuk op een andere plek in de oven en was de temperatuur daar hoger?

Ik denk dat ik nog wat meer wil gaan experimenteren met het inkleuren van dit glazuurrecept.

Zink

Tot mijn verrassing veroorzaakte het toevoegen van zink een enorm verschil in kleur. De groene variant werd geel (met groenige ondertoon op de witte klei, op de rode klei is het echt geel)! De blauwe variant werd beige. Beide varianten kennen een hoge mate van glans.

Deze variant op het basisglazuur blijkt ook veel sterker te lopen dan de andere varianten. Verder heb ik door gebruik op grotere werkstukken gemerkt dat dit glazuur snel te dik is opgebracht en vrij taai is.

Het is mooier/levendiger als ik het wat dunner opbreng, dus net andersom als bij de talk variant.

In een later gemaakt en in een andere stook gebakken klein test bakje zag ik daarnaast wat kleine kristallen ontstaan op de bodem. Misschien door de combinatie van zink en titaandioxide in deze variant?

Maar de stook zal mogelijk ook invloed hebben gehad (ik weet dat als de oven langzamer afkoelt sommige glazuren meer effecten laten zien dan als ze snel afkoelen).

Het bakje is op de cursus gestookt en daarom ken ik het stookschema niet. Tevens staan daar grote ovens die de ene keer voller zullen staan dan de andere keer. Het is dus lastig thuis de stook na te doen.

Resultaten op werkstukken

Van de proefresultaten leer ik meer over de benodigde dikte van de glazuurlaag. Ook vind ik glazuren op grotere oppervlakken/werkstukken toch nog weer anders eruit zien dan op het kleine stukje van het proefje (ondanks dat de proefjes horizontale en verticale delen hadden).

Azijntest en potloodtest

Omdat ik nieuwsgierig was of de nieuwe varianten van het glazuur nog steeds veilig zijn voor voedsel heb ik kleine bakjes van rode klei gemaakt en deze met de nieuwe varianten geglazuurd. Vervolgens heb ik deze bakjes tot halverwege met schoonmaakazijn (want sterker dan gewone witte azijn) gevuld, en dit zeker 2,5 dag laten staan. Daarna heb ik geprobeerd te zien of de glazuren er anders uitzagen (voor en na glazuur ook foto's gemaakt). Op het oog en op gevoel kon ik geen verschil ontdekken. In theorie zou de voedselveiligheid dus nog goed kunnen zijn.

De meer matte varianten (met talk) zijn mogelijk wel gevoeliger? Ik kon een potloodlijntje daarop wel gewoon volledig wegvegen met mijn vinger, maar of dat genoeg is om zeker te weten dat dit veilig voor voedsel is?

Ik heb de bakjes nog niet meegewassen in de vaatwasser, dat zou ik nog kunnen testen.

Andere mogelijkheden om thuis de voedselveiligheid van een glazuur te testen ken ik niet. Als iemand daar nog tips voor heeft zou ik die graag horen!

Bewaren van aangemaakt glazuur

Het blijkt dat deze glazuur wel behoorlijk kristalliseert als het een tijd ongebruikt staat. Dit is voor mij tot nu toe het enige nadeel van dit glazuurrecept voor 1140ºC.

Het lijkt beter om vooraf alleen de benodigde hoeveelheid aan te maken, in plaats van grotere hoeveelheden om te bewaren voor later gebruik. Ik heb wel eens over bewaren in de diepvries gelezen (dat zou kristallisering voorkomen), maar mijn diepvries zit vol, en ik heb zelf ook geen zin om de glazuur dan eerst weer te moeten laten ontdooien voordat ik deze kan gebruiken. De glazuur verwarmen zou ook kunnen helpen, maar ook dat is weer extra werk.

Conclusie

Ik ben zeker blij met de resultaten van dit glazuurexperiment met een bestaand glazuurrecept. Het is extra leuk dat meerdere varianten zowel op rode klei als op witte klei goede resultaten geven! Zoals je kan zien heb ik mijn nieuwe glazuurvarianten nog niet op werkstukken gebruikt waar het in aanraking zal komen met voedsel. Dat is bewust gedaan, omdat ik nog niet 100% zeker ben van de voedselveiligheid van deze nieuwe varianten.

Het experimenteren heeft me ook veel bewuster gemaakt van hoeveel effect één enkele grondstof kan hebben op een glazuur. 

Ik hoop dat andere mensen hier inspiratie uit opdoen en mogelijk de stap zetten om een keer zelf wat te experimenteren, ook als je geen uitgebreide glazuurkennis hebt! 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.